Legal

This database is being updated.

Home - Starting a Business - Besluit Vergunningplichtige Bedrijven en Beroepen

Law / Resolution

Besluit Vergunningplichtige Bedrijven en Beroepen

Level

State Resolutions

Content

STAATSBESLUIT van 15 september 1981 ter uitvoering van artikel 2, leden 1 en 2, van het "Decreet Vergunningen Bedrijven en Beroepen" (S.B. 1981 no. 145). (Besluit vergunningplichtige Bedrijven en beroepen) (S.B. 1981 no. 147), zoals het luidt na de daarin aangebrachte wijzigingen bij S.B. 1985 no. 40, S.B. 1993 no. 51.

Artikel 1

1. Als beroepen en bedrijven, bedoeld in artikel 2 lid 1 van het "Decreet Vergunningen Bedrijven en Beroepen", waarvan de uitoefening zonder voorafgaande schriftelijke vergunning van de Minister van Economische Zaken verboden is, worden aangewezen:
a. die van aannemer van bouw- en/of schilderwerken, winkelier, standhouder, bakker, barbier, schoonheidsspecialist(e) (w.o. haar- en huidverzorging), auto-monteur, reparateur van rijwielen en bromfietsen, bouwkundige, goud- en zilversmid, pelmolenaar, kleermaker, schoenmaker, slager, venter, architect, accountant, belastingconsulent, handelsreiziger, makelaar, opticiën, bankier, wisselkantoren zoals bedoeld in de Resolutie Vrije Wisselkoers (S.B. 1993 no. 49), handelsagent, commissionair, expediteur, exporteur, importeur, grossier, verzekeraar, verzekeringsbemiddelaar (indien dit beroep of bedrijf bestaat in het beroeps- of bedrijfsmatig bemiddelen bij het sluiten van overeenkomsten van verzekering), bedrijven tot de exploitatie van kapsalons, ingenieurs-, (advies-) bureau's, advertentiebureau, lucht- en watertransportbedrijven (w.o. scheepvaart- en luchtvaartbedrijven), uitdeuk- en spuitinrichtingen drukkerijen, reisbureau's, touroperators, hotels, motels, bioscopen; al dan niet mechanisch gedreven pompinstallaties met ondergrondse reservoirs van benzine, diesel olie, mengsel van andere minerale oliën (z.g. pompstations); het verrichten van bespuitings- en/of besproeiïngswerkzaamheden door middel van vliegtuigen, rijscholen (onderricht tot het besturen van motorrijtuigen), pensions, foto-ateliers (fotostudio’s), videoclubs, amusementsspelen (z.a. fietjebal en flipperspelen), schoonmaakbedrijven, insekten en ander ongediertenbestrijdingsbedrijf, radio- en televisiemonteur, uurwerkreparateur (horlogemaker), modiste, tandtechnicus, loodgieter, blikslager, technisch installateur, vertegenwoordiger (agent) van luchtvaartbedrijven, cateringbedrijven, luchtvaartafhandelingsbedrijven, bedrijven voor onderhoud en/of revisie van luchtvaartuigen, luchthavenexploitatiebedrijven, instituten voor de opleiding van luchtvaart- en/of scheepvaartpersoneel, luchtreclamebedrijven, luchtfotografiebedrijven, luchtvaartuigverhuurbedrijven, scheepsagenten, scheepsbevoorradingsbedrijven, stuwadoorsbedrijven, scheepsbouw-, dok- en reparatiebedrijven, havenexploitatiebedrijven, berging- en baggerbedrijven, roeiersbedrijven (meren en ontmeren van schepen).

b. fabrikant van alcoholhoudende- en/of niet alcoholhoudende dranken; bedrijven tot vervaardiging van grammofoonplaten, zuurstof, acetyleengas en vloeibare kooldioxyde, gasvormige en vloeibare stikstof, triplex, meubelen, beschuit en biscuits, voedingsmiddelen, cosmetica; tot constructie en reparatie van staal en andere metalen, confectiekleding alsmede andere artikelen van textiel artikelen van de spijkerindustrie zoals draadnagels, spijkers, krammen en haken van ijzer, van staal of van smeedbaar gietijzer, gegolfde gegalvaniseerde dakplaten, cement, betonproducten, balsteen en dakpannen, bouillonblokjes en soepen, eetbare vetten, eetbare oliën, zeep, veevoeder, zakken van juteweefsels en/of zakken van weefsel van andere textielstoffen, insecticiden, insecten- en onkruidbestrijdingsmiddelen, kunstmeststoffen, plastic buizen, producten van plastic en van aluminium, papier en papierwaren, karton en kartonwaren, lucifers; tot constructie, vervaardiging en reparatie van stalen respectievelijk plastic vaartuigen; tot fabrieksmatige bereiding van verf en vernis, tarwebloem en tarwemeel, vleeswaren, farmaceutica, verbandstoffen, artikelen voor huishoudelijk gebruik, schuimplastic artikelen voor huishoudelijk en industrieel gebruik, verlichtingsarmaturen, matrassen, schoeisel; tot samenstelling van aluminium markiezen, aluminium jalouzieën, aluminium ramen en deuren uit ingevoerden halffabrikaten; tot de winning van steenslag; houtzaagmolens; bedrijven tot verwerking van fruit, vis en visprodukten, lasserijbedrijven, stoffeerderijen, koeltechnisch bedrijf, keramisch bedrijf, bedrijven tot vervaardiging van produkten van hout, leer, kunstleer en/of ander weefsel.
2. Schriftelijke vergunningen voor de in lid 1 genoemde beroepen en bedrijven kunnen verleend worden voor een bepaalde branche of deel van werkzaamheden van die beroepen of bedrijven.

Artikel 2

Aan de Districts-Commissaris is, ingevolge het bepaalde in lid 2 van artikel 2 van het "Decreet Vergunningen Bedrijven en Beroepen", voor zover zijn district betreft, de bevoegdheid gedelegeerd om te beslissen op de verzoeken om vergunning tot uitoefening van de beroepen of bedrijven van aannemer van bouw- en/of schilderwerken, pelmolenaar, winkelier, standhouder, schoonheidsspecialist(e) (w.o. haar- en huidverzorging), auto-monteur, reparateur van rijwielen en bromfietsen; exploitatie van kapsalons, goud- en zilversmid, bakker, slager, kleermaker, schoenmaker, barbier en venter, exploitatie van uitdeuk- en spuitinrichtingen en al dan niet mechanisch gedreven pompinstallaties met ondergrondse reservoirs van benzine, dieselolie, mengsel van andere minerale oliën (z.g. pompstations), indien betrokkenen hun beroep of bedrijf slechts in het betreffende district wensen uit te oefenen.

Artikel 3

1. Aan ondernemingen en/of personen die op het tijdstip van inwerkingtreding van dit staatsbesluit één of meer der in het tweede lid genoemde bedrijven uitoefenen zal, gerekend vanaf de datum van inwerkingtreding, een vergunning worden verleend, indien daartoe binnen drie (3) máánden na de inwerkingtreding schriftelijk het verzoek wordt gedaan.

2. De in het eerste lid bedoelde bedrijven zijn:
a. het beroep van standhoudar, automonteur, reparateur van rijwielen en bromfietsen, architect, accountant, belasting-consulent, handelsreiziger, makelaar, opticiën, schoonheidsspecilist(e) (w.o. haar- en huidverzorging); het beroep of bedrijf uitoefenen van exploitant van kapsalons, ingenieurs (advies- ) bureau's, advertentiebureau, lucht- en watertransportbedrijven (w.o. scheepvaart- en luchtvaartbedrijven), uitdeuk- en spuitinrichtingen, drukkerijen, hotels, motels, bioscopen, touroperators, al dan niet mechanisch gedreven pompinstallaties met ondergrondse reservoirs van benzine, dieselolie, mengsel van andere minerale oliën (z.g. pompstations), en het verrichten van bespuitings- en besproeiïngs werkzaamheden door middel van vliegtuigen.

b. het bedrijf tot de vervaardiging van:
1. grammofoonplaten;
2. vloeibare kooldioxyde en gasvormige en vloeibare stikstof;
3. meubelen;
4. voedingsmiddelen;
5. cement;
6. betonproducten;
7. bakstenen en dakpannen;
8. bouillonblokjes en soepen;
9. insecten- en onkruidbestrijdingsmiddelen;
10. kunstmeststoffen;
11. producten van plastic en aluminium;
12. artikelen voor huishoudelijk gebruik;
13. confectiekleding en andere artikelen van textiel;
14. constructie en reparatie van staal en andere metalen;
15. de exploitatie van houtzaagmolens.

Artikel 4
1. Bij de inwerkingtreding van dit staatsbesluit vervalt het staatsbesluit van 22 maart 1952 (G.B. 1952 no.32, geldende tekst S.B. 1976 no.40).

2. Dit staatsbesluit, dat als "Besluit Vergunningplichtige Bedrijven en Beroepen" kan worden aangehaald, wordt in het Staatsblad van de Republiek Suriname bekend gemaakt.

3. Het treedt met ingang van een door de President te bepalen tijdstip in werking.

DECREET van 15 september 1981, houdende vaststelling van regelen inzake het verlenen van vergunningen voor het uitoefenen van enig bedrijf of beroep (Decreet Vergunningen Bedrijven en Beroepen) (S.B. 1981 no. 145).

HOOFDSTUK I
ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1

Voor de toepassing van het bij of krachtens dit decreet bepaalde wordt verstaan onder:
a. uitoefenen van een bedrijf of beroep: het uitoefenen van enig bedrijf of beroep op het gebied van handel, industrie, ambacht en toerisme, waarmede al dan niet beoogd wordt het maken van winst;
b. de President: de President van de Republiek Suriname;
c. de Minister: de Minister van Economische Zaken;
d. het Advertentieblad: het Advertentieblad van de Republiek Suriname.

Artikel 2

1. Het is verboden enig bij staatsbesluit aan te wijzen bedrijf of beroep op het gebied van handel, industrie, ambacht en toerisme uit te oefenen, zonder voorafgaande schriftelijke vergunning van de Minister.

2. Bij Staatsbesluit kan worden bepaald, dat in bepaalde districten de DistrictsCommissaris van het betrokken district bevoegd is vergunning voor de uitoefening van bepaalde bedrijven of beroepen te verlenen.

Artikel 3

Onverminderd de bepalingen van dit decreet, waarbij een staatsbesluit is voorgeschreven, kunnen omtrent de hierin geregelde onderwerpen bij of krachtens staatsbesluit nadere voorschriften worden vastgesteld.

HOOFDSTUK II
INDIENING VAN VERZOEKSCHRIFT
Artikel 4

1. Ter verkrijging van een vergunning, als in artikel 2 lid 1 bedoeld, moet door de aanvrager een op zegel gesteld verzoekschrift, in tweevoud bij de Minister worden ingediend.

2. Bij bedrijven en beroepen waarvan bij staatsbesluit de bevoegdheid tot het verstrekken van vergunningen gedelegeerd is aan de Districts-Commissaris wordt het verzoekschrift in tweevoud ingediend bij de desbetreffende Commissaris, binnen wiens ressort de verzoeker het bedrijf of beroep wenst uit te oefenen.

3. Bij de indiening van een verzoekschrift moet een bij beschikking van de Minister vast te stellen bedrag worden betaald.

Artikel 5

1. Het verzoek om een vergunning wordt binnen een week, nadat het is ingekomen, door de betrokken instantie waar de aanvraag is ingediend, ter openbare kennis gebracht door bekendmaking in het Advertentieblad.

2. Een ieder is bevoegd binnen een maand na de dagtekening der bekendmaking schriftelijk zijn bezwaren tegen het verlenen der vergunning bij de Minister of bij de betrokken Districts-Commissaris waar de aanvraag tot verlening van een vergunning is ingediend, kenbaar te maken.

3. Deze zal de naar voren gebrachte bezwaren doen onderzoeken, indien zulks wenselijk wordt geacht, degenen die een bezwaarschrift hebben ingediend, in hun belang doen horen, en eveneens doen onderzoeken, of er andere bezwaren tegen het verlenen van de gevraagde vergunning bestaan.

4. Alvorens op een verzoek om een vergunning te beslissen, kan de Minister of de betrokken Districts-Commissaris rechtspersoonlijkheid bezittende belangenorganisaties doen horen.

Artikel 6

1. Een vergunning wordt uitsluitend verleend, indien de aanvrager deugdelijk zijn kredietwaardigheid kan aantonen.

2. Onverminderd het bepaalde in het vorige lid, kan bij beschikking van de Minister worden bepaald, dat voor de uitoefening van bepaalde bedrijven en beroepen uitsluitend vergunning wordt verleend, indien de aanvrager deugdelijk zijn handelskennis en/of vakbekwaamheid kan aantonen.

3. Bij of krachtens beschikking van de Minister kunnen voorschriften worden gegeven omtrent de wijze, waarop de kredietwaardigheid en de handelskennis en/of vakbekwaamheid moeten worden aangetoond.

HOOFDSTUK III
VERLENEN VAN VERGUNNING

Artikel 7

1. De beslissing op een verzoek om een vergunning wordt binnen zes maanden na de afloop van de in artikel 5 lid 2 genoemde termijn genomen.

2. De beslissing wordt onverwijld aan de verzoeker schriftelijk medegedeeld en tevens door bekendmaking in het Advertentieblad ter kennis van het publiek gebracht.

Artikel 8

1. De vergunning wordt, tenzij tegen de inwilliging van het verzoek gegronde bezwaren bestaan, verleend voor een bepaalde plaats, voor een bepaald bedrijf of beroep en voor drie jaren.

2. Zij kan telkens op gelijke wijze worden verlengd, voor welke verlenging het in artikel 4 lid 3 bedoelde bedrag is verschuldigd.

Artikel 9

1. De vergunning kan onder bepaalde bij beschikking van de Minister vast te stellen voorwaarden worden verleend, terwijl aan de vergunning ook bijzondere voorwaarden kunnen worden verbonden.

2. De Minister kan deze voorwaarden, zo nodig, tussentijds wijzigen.


HOOFDSTUK IV
BEROEP TEGEN BESLISSING

Artikel 10

1. Van een door de Minister genomen beslissing staat beroep open op de President binnen een maand na de in artikel 7 lid 2 bedoelde bekendmaking.

2. Tot dit beroep zijn gerechtigd de verzoeker en degenen die een bezwaarschrift tegen het verlenen der vergunning hebben ingediend en een ieder voor zover die bij de beslissing in het ongelijk is gesteld.

3. Het beroep wordt ingesteld door een bij de Minister van Binnenlandse Zaken ingediend geschrift.
De datum van ontvangst van dit geschrift ten departemente van Binnenlandse Zaken geldt als datum waarop het beroep is ingesteld.

4. Indien het beroep wordt ingesteld door een ander dan de aanvrager der vergunning, wordt door of vanwege de Minister van Binnenlandse Zaken zo spoedig mogelijk aan de aanvrager bij aangetekend schrijven kennis gegeven van het beroep.

Artikel 11

1. De Minister van Binnenlandse Zaken zorgt voor onverwijlde openbare bekendmaking in het Advertentieblad en zendt ten spoedigste alle stukken, vergezeld van zijn advies, naar de President.

2. De President beslist binnen drie maanden nadat het beroep is ingesteld bij een met redenen omkleed besluit, dat ten spoedigste ter openbare kennis wordt gebracht door bekendmaking in het Advertentieblad.

3. Het beroep heeft schorsende kracht.

Artikel 12

1. Van een door de Districts-Commissaris genomen beslissing staat beroep open op de Minister.

2. Op dit beroep is het bepaalde in de artikelen 10 en 11 van overeenkomstige toepassing.

HOOFDSTUK V
INTREKKEN OF VERVALLEN VAN VERGUNNING

Artikel 13

1. De vergunning is strikt persoonlijk, derden kunnen hieraan geen rechten ontlenen.

2. Bij overlijden van de vergunninghouder zullen echter de nabestaanden voorkeur genieten bij het verkrijgen van een nieuwe vergunning voor hetzelfde bedrijf of beroep en voor dezelfde plaats, mits binnen drie maanden na het overlijden een verzoekschrift, als in artikel 4 lid 1, wordt ingediend, waarbij het in artikel 4 lid 3 bedoelde bedrag is verschuldigd.

Artikel 14

1. Het is verboden, dat anderen dan de vergunninghouder voor eigen rekening en risico het bedrijf of beroep uitoefenen.

2. De Minister kan evenwel, indien daartoe gronden aanwezig zijn, toestaan dat de vergunning op naam van een derde wordt gesteld of dat het bedrijf of beroep in gemeenschap met derden wordt uitgeoefend.

3. In het vorige lid bedoelde geval moet door de vergunninghouder tezamen met derde(n) een verzoekschrift ter verkrijging van een nieuwe vergunning voor hetzelfde bedrijf of beroep en voor dezelfde plaats, als in artikel 4 lid 1 bedoeld, waarbij het in artikel 4 lid 3 bedoelde bedrag is verschuldigd, worden ingediend.

Artikel 15

1. Bij niet nakoming der gestelde voorwaarden of wanneer van de verleende vergunning gedurende drie achtereenvolgende maanden geen gebruik is gemaakt, kan de vergunning door de instantie die haar heeft verleend, worden ingetrokken.

2. Een vergunning wordt ingetrokken, indien de voor de verkrijging verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig blijken, dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen, indien bij de beoordeling daarvan de juiste omstandigheden volledig bekend waren geweest.

3. De vergunning vervalt, wanneer na haar dagtekening, zes maanden verlopen zijn, zonder dat met de bedrijfs- of beroepsuitoefening een aanvang is gemaakt. In bijzondere gevallen kan de Minister verlenging verlenen.

4. De intrekking dan wel de vervallenverklaring van een vergunning wordt aan de houder van de vergunning bij aangetekende brief medegedeeld en tevens door bekendmaking in het Advertentieblad ter kennis van het publiek gebracht.

HOOFDSTUK VI
STRAFBEPALINGEN

Artikel 16

1. Overtreding van het verbod van artikel 2 lid 1 wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van ten hoogste tienduizend gulden.

2. Overtreding van het verbod van artikel 14 lid 1 of van één of meerdere voorwaarden verbonden aan een verleende vergunning, als bedoeld in artikel 9 lid 1, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van ten hoogste vijfduizend gulden.

Artikel 17

1. Het bij artikel 16 lid 1 strafbaar gestelde feit wordt beschouwd als een misdrijf.

2. De bij artikel 16 lid 2 strafbaar gestelde feiten worden beschouwd als overtredingen.

Artikel 18

1. Indien een feit, bij of krachtens deze wet strafbaar gesteld, wordt begaan door of vanwege een rechtspersoon, kan de strafvervolging worden ingesteld en kunnen de in dit decreet voorziene straffen en maatregelen, indien zij daarvoor in aanmerking komen, worden uitgesproken:
a. tegen die rechtspersoon, dan wel
b. tegen hen die tot het feit opdracht hebben gegeven, alsmede tegen hen die de feitelijke leiding hebben gegeven aan de verboden gedraging, dan wel
c. tegen de onder a en b genoemden tezamen.

2. Een strafbaar feit wordt onder meer begaan door of vanwege een rechtspersoon, indien het begaan wordt door personen, die hetzij uit hoofde van een dienstbetrekking, hetzij uit anderen hoofde handelen in de sfeer van de rechtspersoon, ongeacht of deze personen ieder afzonderlijk het strafbare feit hebben begaan dan wel bij hen gezamenlijk de elementen van dat strafbare feit aanwezig zijn.

3. Indien een strafvervolging wordt ingesteld tegen een rechtspersoon, wordt deze tijdens de vervolging vertegenwoordigd door de bestuurder of, indien er meer bestuurders zijn, door één van hen.
De vertegenwoordiger kan bij gemachtigde verschijnen.
De rechter kan de persoonlijke verschijning van een bepaalde bestuurder bevelen en kan alsdan zijn medebrenging gelasten.

4. Indien de strafvervolging wordt ingesteld tegen een rechtspersoon, geschiedt de uitreiking van gerechtelijke mededelingen aan de plaats waar het bestuur zitting of kantoor houdt of aan de woonplaats van het hoofd van het bestuur, dan wel, indien het bestuur geen hoofd heeft, bij een van de bestuurders. Betreft de uitreiking een gerechtelijk schrijven als bedoeld in artikel 515 van het Wetboek van Strafvordering, dan is artikel 517 leden 2 en 3 van dit wetboek van overeenkomstige toepassing.

5. Voor de toepassing van de overige leden wordt met de rechtspersoon gelijk gesteld, de vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid, de maatschap, enige andere vereniging van personen en het doelvermogen.

Artikel 19

Bij veroordeling van iemand, die niet bevoegd is tot het uitoefenen van enig bij staatsbesluit aangewezen bedrijf of beroep of die deze bevoegdheden overschrijdt, kan de Rechter verbeurdverklaring en/of onttrekking aan het verkeer van de goederen, ten opzichte waarvan de overtreding is begaan, bevelen.

Artikel 20

1. Met het toezicht op de naleving van dit decreet en het opsporen van de bij of krachtens dit decreet strafbaar gestelde feiten zijn, behalve de bij artikel 134 van het Wetboek van Strafvordering aangewezen personen, mede belast de daartoe, na overleg met de Minister van Justitie en Buitenlandse Zaken, door de Minister bij in het Advertentieblad bekend te maken beschikking aangewezen ambtenaren.

2. De ambtenaren, belast met de opsporing, maken van hun bevindingen proces-verbaal op, dat de verdachte in afschrift wordt medegedeeld.

3. De ambtenaren, belast met de opsporing, kunnen te allen tijde inzage vorderen van alle boeken en bescheiden, waarvan zij voor de goede vervulling van hun taak inzage nodig oordelen en zijn bevoegd in beslag te nemen, alle voorwerpen, welke tot ontdekking der waarheid kunnen dienen en daarvan de uitlevering te vorderen.

4. De ambtenaren, belast met de opsporing, hebben te allen tijde toegang tot alle gebouwen en al dan niet afgesloten plaatsen, waar redelijkerwijs vermoed kan worden dat in strijd met dit decreet wordt gehandeld. Een woning treden zij echter tegen de wil van de bewoner niet binnen zonder vergezeld te zijn van een hulpofficier van Justitie of voorzien van een bijzondere schriftelijke last van een hulpofficier van Justitie.
Wordt dan de toegang geweigerd, dan verschaffen zij zich die desnoods met inroeping van de sterke arm.
Van het binnentreden van een woning wordt proces-verbaal opgemaakt, dat binnen tweemaal vierentwintig uur aan hem, wiens woning is binnengetreden, in afschrift wordt medegedeeld.

HOOFDSTUK VII
OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN

Artikel 21

In het Reglement op het Beheer der Districten (G.B. 1943 No. 120, geldende tekst G.B.
1959 No. 114) worden de navolgende wijzigingen aangebracht: a. de artikelen 19, 19 bis, 19 ter en 32 vervallen;
b. in artikel 31 wordt de artikelverwijzing "19 lid (1)" geschrapt.

Artikel 22

1. Op grond van het "Reglement op het Beheer der Districten" (G.B. 1943 No.120, geldende tekst G.B. 1959 No.114) verleende vergunningen voor de duur van vijf jaren blijven tot hun respektieve vervaldata van kracht. Bij verlenging is dit decreet van toepassing.

2. De vergunningen, die reeds vóór de inwerkingtreding van dit decreet verstrekt zijn en waaraan nog geen uitvoering is gegeven, blijven nog drie maanden van kracht.

Artikel 23

1. Dit decreet, dat als "Decreet Vergunningen Bedrijven en Beroepen" kan worden aangehaald, wordt in het Staatsblad van de Republiek Suriname bekend gemaakt.

2. Het treedt met ingang van een door de President te bepalen tijdstip in werking.

Keywords

bedrijven beroepen vergunning besluit